Begin met het wassen van de rijst. Rijst bevat vaak namelijk overmatig zetmeel en dit spoel je dan ook af als je de rijst wast. Dit zorgt er bovendien voor dat de rijst minder plakkerig is. Als je tijd over hebt, is het ook een goed idee om de rijst gedurende een half uur in koud water te later weken. Hierdoor zal de rijst gelijkmatig koken. Vraagt het gerecht om plakkerige rijst, dan doe je er goed aan om de rijst juist niet af te spoelen. Let hierbij ook op welke soort rijst je kiest. Basmati is bijvoorbeeld droger dan pandan.

Geef meer smaak aan de rijst

Doe de rijst vervolgens in een pan en voeg water toe. Let hierbij op de juiste verhoudingen, tegenover 75 gram rijst staat namelijk 150 ml water. Voeg hier wat zout aan toe en wat olie of boter, zo geef je meer smaak aan de rijst. Wil je de rijst zelfs nog meer op smaak brengen? Vervang het water door bijvoorbeeld kokosmelk. Of kook een pandanblad mee.

Lees ook: Hó, stop! Gooi het kookvocht van je pasta niet meer weg

Zorg dat de rijst evenredig verdeeld is over de pan en breng het water aan de kook. Als het water kookt, leg je het deksel op de pan en zet je het vuur lager. Kook de rijst 8 tot 10 minuten op middelhoog vuur en haal het deksel er tussentijds niet af. Schud de rijst vervolgens op met een vork en je kunt de rijst meteen uitserveren. Je kunt er echter ook voor kiezen om de rijst 10 minuten te laten rusten. Dek de pan dan af met een theedoek. Op die manier wordt het overgebleven water opgenomen in de rijst en zo krijgt de rijst vaak een nog betere textuur.

Wil het echt niet lukken?

Maak het jezelf makkelijker met een rijstkoker. Daarbij hoef je alleen de rijst in de pan te doen met de juiste hoeveelheid water (lees de instructies van de rijstkoker) en een snuf zout. Simpel, snel en lekker makkelijk!