Biscuit wordt ook wel moscovisch beslag genoemd en wordt vaak gebruikt voor taartbodems en laagjestaarten. Dit biscuit is luchtig en zacht en kan op elkaar gestapeld worden met daartussen een (slag)roommengsel. In dit artikel gaf patissier Rudolph tips voor hoe je deze het beste bakt. Maar hoe snijd je zo'n perfect gebakken cake netjes in plakken, zodat je 'm kunt stapelen?

Niet snijden, maar steken

Rudolph: "Je kunt er bij een laagjestaart voor kiezen om een hoge, ronde biscuit te bakken en die vervolgens met een kartelmesje in plakken te snijden. Maar niemand snijdt deze precies recht. Helemaal als je 'm in 3 of 4 plakken wilt snijden. En door het snijden krijg je ontzettend veel kruimels.'' Als oplossing tipt Rudolph het volgende: "Bak daarom een langwerpige plak cake waar je cirkels uit steekt. Dan zijn de plakken even dik en voorkom je kruimels.''

De patissier gaat als volgt te werk: "Wat ik vaak doe is biscuitbeslag maken en dit heel dun uitsmeren over een rechthoekige bakplaat op bakpapier. Dat smeer ik uit tot ongeveer een halve centimeter dik. Die bak ik dan op 220 graden Celsius voor maar 3 minuten. Dat is stuk sneller klaar dan een hoge biscuit.''

Nog een handige truc

De hoekjes gooit Rudolph overigens niet weg. "Als ik een langwerpige biscuit gebakken heb en ik een taart maak die bestaat uit 3 lagen, dan steek ik er 2 hele cirkels uit. Van de hoekjes en overige stukken maak ik een puzzel in de vorm van een ronde plak. Die gebruik ik als middenplak. Dat dit uit verschillende stukken bestaat ziet niemand. Er gaat toch crème op.''

Makkelijke laagjestaart

Makkelijke laagjestaart

Probeer dit lekkere recept van Rudolph eens! Ga naar het recept