De websites van 24Kitchen maken gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Doodzondes

“Of je kiest een lekker ‘Bordeauxtje’, want dat is een bekende naam, dus dat moet wel goed zijn”. “Ja! Goed idee! Ik las laatst namelijk dat rode wijn niet alleen bij vlees kan, maar tegenwoordig ook prima gaat bij vis.”

Dit soort gesprekken hoor ik vaak als ik luistervink terwijl iemand zijn uiterste best doet om tot een goede wijnkeuze te komen. Meestal speelt zo’n gesprek zich af voor het gigantische wijnschap bij de plaatselijke supermarkt. Waar je als wijnliefhebber opeens moet kiezen uit 200 verschillende flessen. Soms staat er hier en daar een bruikbare aanwijzing, heel soms krijg je zelfs een adviesje, maar eigenlijk is het als wijnconsument in Nederland nog steeds flink behelpen.

Zo kom je misschien ongewild vaak tot een wijnkeuze waarvan, als de fles uiteindelijk opengaat, de vullingen uit je kiezen springen. En waarvan je met liefde gemaakte vis van de dag volledig verandert in een smakeloze hap.

Aangezien wij Hollanders onze wijn nog steeds meestal voor of na het avondeten drinken, gaat het niet altijd mis aan de dis. Maar dat is dus vaak meer geluk dan wijsheid. En zelfs een toegankelijk borrelwijntje uitzoeken is soms een hele onderneming. En dat hoeft helemaal niet! Je smaakvoorkeur ontdekken, wijn leren proeven en zelf tot een goede keuze komen als het gaat om wijn- en spijscombinaties is echt niet alleen weggelegd voor doorgestudeerde vinologen. Iedereen kan dat onder de knie krijgen.

Natuurlijk staat wijn, als geen andere drank, symbool voor mystiek en beleving. En terecht! Maar er is nog zoveel meer te beleven als ’t stof een beetje van de flessen geblazen wordt en je je weg kunt vinden in wijnland.

Soms gaat dat met vallen en opstaan. En geloof me, mijn eerste ervaring met wijn was ook geen vrolijke. Ik had gehoord dat je een dure rode wijn op “kamertemperatuur” moest drinken. Koukleum als ik ben, zet ik de thermostaat altijd lekker op standje tropisch. En zo kwam het dat ik de wijn bloedserieus op 23 graden serveerde tijdens een huiskamerdinertje. De enige wijnconnaisseur aan tafel vroeg waarom ik Glühwein bij het hoofdgerecht uittapte. En legde me toen fijntjes uit dat de term “kamertemperatuur” wel stamt uit de tijd dat er nog geen CV was en het gemiddeld zo rond de 17-18 graden maximaal (!) was is huis.

Een doodzonde? Nee, hoor. In tegendeel. De wijn ging even een paar minuten op ijs en toen ik hem proefde bij de gewenste temperatuur, snapte ik meteen dat dit lekkerder was. En vanaf dat moment ben ik met wijn aan het experimenteren geslagen. De enige manier om wijn te leren kennen. Gewoon proeven, proberen en vooral genieten! Zo luidt het devies! En ik hoop je daar vanaf nu een klein beetje bij te helpen!



Doodzondes
Categorie